Heimwee…

Heimwee…

Ciconia Consort
Dick van Gasteren, dirigent
Rosita Steenbeek, schrijfster, verteller


Vrijdag 29 september 20.15 uur,
Theater de Lievekamp, Raadhuislaan 14, Oss
Entree: €20 / €10 <27 jaar
Bestel kaarten online of 0412 6489 22

Zondag 1 oktober 14.30 uur,
Theater Hanzehof, Coehoornsingel 1, Zutphen
Entree: €22,50 / CJP €11,25
Bestel kaarten online of via 0575 51 20 13

Zondag 8 oktober 15.00 uur,
Nieuwe Kerk, Spui 175 Den Haag. Concert met educatieve kinderopvang (4-10 jaar)
Prijs: €28 / €25,50 Uitpas/ €10 < 27 jaar/ €2,50 t/m 12 jaar
Bestel kaarten online of via 070 88 00 333

Dinsdag 10 oktober 20.15 uur,
De Vereeniging, Keizer Karelplein 2D, Nijmegen
Entree: €24,50 / €15 < 27 jaar / €5 t/m 12 jaar
Bestel kaarten online of via 024 322 11 00

Zaterdag 14 oktober 20.15 uur,
Het Concertgebouw, Concertgebouwplein 10, Amsterdam
Entree: €32 / €15 < 27 jaar
Bestel kaarten online of via 0900 671 83 45

Zondag 15 oktober 15.30 uur,
Theater ‘t Voorhuys, Beursstraat 1, Emmeloord
Entree: €22,50 / €20,50 CJP en Theaterpas
Bestel kaarten online of via 0527 760 620

Programma
Luigi Boccherini – La musica notturna delle strade di Madrid
Ottorino Respighi – Antiche danze et arie per liuto, Suite No.3
Arturo Marquez – Danzon no. 2, arrangement voor strijkorkest
Pjotr Iljitsj Tjaikovsky – Souvenir de Florence
Charlie Chaplin – ‘Smile’ uit Modern Times

Heimwee is een verrassend veelzijdige emotie die aan de bron heeft gestaan van veel kunstvormen. Het Ciconia Consort en schrijfster Rosita Steenbeek zullen u meenemen in het verlangen naar huis & haard, geliefde personen en werelden die niet langer bestaan… Rosita Steenbeek zal tussen de muziekwerken voorlezen uit eigen werk, passende gedichten voordragen en ook met recente persoonlijke ervaringen een link maken naar actualiteiten van het dagelijks bestaan.
U hoort o.a. één van de grote romantische stukken uit het repertoire voor strijkers, ‘Souvenir de Florence’, een herinnering van Tjaikovsky aan de bijzondere stad waar hij enige tijd verbleef en Danzón no. 2 van de Mexicaanse componist Arturo Marquez dat een en al de nostalgische sfeer van het Zuid-Amerikaanse continent ademt. Tenslotte verklankt ‘Smile’, de slotscène uit de film ‘Modern Times’ van Chaplin als geen ander muziekwerk het zogenaamde ‘Fernweh’, het verlangen naar het nieuwe leven, het onbekende elders en de verrekening met het heden. ‘What is the use of trying? Buck up- never say die, we’ll get along!’
Het gevoel van heimwee is niet land- en tijdgebonden. U hoort dan ook een gevarieerd muziekprogramma, muziekstijlen van pre-klassiek (Boccherini) tot hedendaags (Márquez) en van Zuid-Amerika tot Rusland.

Rosita Steenbeek schrijfster, verteller
Rosita Steenbeek studeerde af in de Moderne Letterkunde aan de Universiteit van Amsterdam. Tijdens haar studie acteerde ze regelmatig op het toneel en in de film. Ook studeerde ze enige tijd theologie en klassieke talen. In 1985 vestigde Steenbeek zich in Italië. Zij ging op zoek naar toneel- en filmrollen en vertaalde werk
van onder andere Alberto Moravia en Susanna Tamaro. Ook schreef ze artikelen voor onder andere Vrij Nederland. Haar persoonlijk contact met Fellini heeft haar een kleine rol opgeleverd in de film ‘Ginger e Fred’. Als romanschrijver debuteerde ze met De laatste vrouw (1994), een boek dat in vele talen vertaald werd en waarmee Steenbeek internationale bekendheid verwierf. Vanaf dat moment wijdt ze zich volledig aan het schrijven. Er volgden vele romans, waarvan de meeste zich afspelen in Italië.
‘Thuis in Rome’ (2000; editie met foto’s in 2005) is haar eerste non-fictie boek over deze stad. Dit boek is uitgegroeid tot een van de populairste ‘reisboeken’. In 2008 verscheen het vervolg ‘Terug naar Rome’ met nieuwe weder- en wetenswaardigheden over het oude en moderne Rome.
Rosita Steenbeek werkte mee aan de bundel ‘Muziek in mijn leven’ (2006), een bundel waarin veertien auteurs schrijven over de troostende en inspirerende betekenis die klassieke muziek heeft. Het essay van Steenbeek, getiteld ‘An die Musik’ gaat over het moment waarop muziek in haar leven kwam en over herinneringen die boven komen bij bepaalde muziek. In haar romans komt Rosita’s interesse voor kunst en muziek meermaals naar boven: zoals in ‘Ballets Russes’ en ‘Ander Licht’ (historische roman over een 17e-eeuwse Nederlandse schildersfamilie).

Luigi Boccherini (1743-1805) – La musica notturna delle strade di Madrid
Luigi Boccherini, van origine een Italiaans componist en cellist, heeft een groot deel van zijn leven in Spanje gewerkt in dienst van Don Luis Anton (broer van koning Karel III van Spanje), die lange tijd in ballingschap leefde in Avila, ver verwijderd van het kosmopolitische Madrid. Uit deze periode stammen circa 100 composities, waaronder het strijkkwintet ‘La musica notturna’. La musica notturna beschrijft in muzikale termen het nachtelijk, bruisend Madrid en is een nostalgische herinnering van Boccherini aan zijn leven in Madrid. Volgens musicoloog J.Tortella, zou het werk Boccherini waarschijnlijk zo na aan het hart hebben gelegen, dat hij zijn uitgever opdracht gaf het werk niet uit te geven, omdat (zo schreef Boccherini): “[…]het publiek nooit de betekenis [van het stuk] zou kunnen begrijpen, noch de uitvoerenden het zouden kunnen spelen als zou moeten.”
Dit van Boccherini afkomstige citaat lijkt een cryptische omschrijving voor een in de muziek verborgen geheime laag of boodschap.

Ottorino Respighi (1879-1936) – Antiche danze et arie per liuto
Na zijn studies aan het muzieklyceum in Bologna vertrok Respighi naar Sint-Petersburg, waar hij enkele jaren speelde in de Keizerlijke Opera. Daar leerde hij Rimski-Korsakov kennen, die hem verder onderrichte in compositie en orkestratie.
Respighi is vooral bekend door zijn orkestrale drieluik van symfonische gedichten Fontane di Roma, Pini di Roma en Feste Romane. Zijn Antiche danze et arie per liuto is de derde van drie orkestsuites, gebaseerd op klavecimbelstukken uit de barokperiode. Het werk ademt de typisch laat romantische zelfs nostalgisch te
noemen heimwee naar vroegere tijden. Ook dit werk componeerde Respighi in Rome, de stad waar Rosita Steenbeek woonachtig is en waarover zij haar bestseller, het non-fictie boek ‘Thuis in Rome’ schreef.

Arturo Márquez (geboren in 1950) – Danzon no. 2 voor strijkers
Danzón no. 2 is een compositie van de Mexicaanse componist Arturo Márquez. Het is met José Pablo Moncayo’s ‘Huapango’, Carlos Chávez’s ‘Sinfonia India’ en Silvestre Revuelta’s ‘Sensemaya’ een van de meest populaire en frequent uitgevoerde hedendaagse Mexicaanse orkestwerken. Danzón No. 2 verkreeg in 2007 grote populariteit toen het Simón Bolívar Orkest het werk onder leiding van Dudamel speelde op hun Europese en Amerikaanse tournee. Het stuk mag inmiddels gelden als een nationale hymne van het ‘El Sistema’ in Venezuela en ademt de nostalgische sfeer van het Zuid-Amerikaanse continent.
De dansstijl ‘danzón’ heeft zijn oorsprong in Cuba, maar is tevens een belangrijk deel van de folklore van de Mexicaanse staat Veracruz. De componist werd geïnspireerd door een bezoek aan een balzaal in Veracruz. Het werk werd in 2009 gebruikt in een korte film gesitueerd in Mexico City van de veertiger jaren in de twintigste eeuw, de gouden tijd van de Danzón. De film positioneert Arturo Márquez als ball-room pianist en de muziek wordt op fantasievolle wijze gebruikt als belangrijkste verhaallijn.

Peter Iljitsj Tjaikovsky (1840-1893) – Souvenir de Florence
In Florence zoekt Tjaikovsky enige maanden zijn toevlucht in 1890 om zijn opera ‘Schoppenvrouw’ ongestoord te kunnen afronden. Gedurende die periode maakt hij schetsen voor een sextet van 2 violen, 2 altviolen en 2 celli dat hij voltooide terug in Sint Petersburg. Het werk heeft een traditionele vierdelige vorm. De laatste twee delen met hun karakteristieke Russische en volksmuziekachtige melodiek en ritmiek contrasteren met de eerste twee delen. Delen van dit werk zijn gebruikt in het ballet ‘Anna Karenina’ uit 2005.
‘Souvenir de Florence’ is geen programmatische compositie, zoals bijvoorbeeld het eerder geschreven ‘Capriccio italien’. Bij dit werk gaat het om een mooie herinnering aan de rust gedurende de maanden in Florence, aan een creatief vruchtbare en vrije periode, omgeven door de pracht van deze stad. Illustratief is het werk dus beslist niet. Tjaikovsky zelf sprak in een brief aan zijn stille geliefde, mecenas en vertrouwelinge Nadja von Meck uit zijn Florentijnse periode in 1888 al duidelijk uit over het onderwerp programmamuziek:
‘De componist kent twee soorten inspiratie: een subjectieve en een objectieve. In het eerste geval schildert hij zijn gevoelens van vreugde en leed, kortom de toestand van zijn ziel, net zoals lyrische dichters dat doen. Een feitelijk programma is hier natuurlijk overbodig, zelfs onmogelijk. Heel anders is het wanneer een musicus de indruk die hij van een boek of in de natuur heeft opgedaan tracht in muzikale vorm weer te geven. In dat geval is een programma nodig […]. Programmamuziek heeft een even groot bestaansrecht als het epische gedicht naast de lyriek uit de literatuur’.
Belangrijk aan deze uiting is dat Tjaikovsky zijn Souvenir de Florence duidelijk als een ‘lyrisch’ werk beschouwt. En een lyrische stijl houdt in dat het vaak om herinneringen gaat, dat is uit de lyrische gedichten bekend. Zo bezien gaat het hier om een heel persoonlijk stuk.

Charlie Chaplin (1889-1977) – ‘Smile’ uit Modern Times
Niet zo bekend is dat Chaplin naast acteur en regisseur ook componist was. Hij schreef onder andere solowerken voor cello (een van de instrumenten die hij ook zelf, linkshandig, bespeelde), en de filmmuziek bij Modern Times met het wereldberoemde nummer Smile. Modern Times ontstond in de jaren 1933 tot 1936. De film zou oorspronkelijk The Masses genoemd worden en geeft kritiek op het fordisme en het door de voortschrijdende industrialisatie veroorzaakte verlies aan individualiteit als gevolg van anonimiteit en mechanische monotonie.
De film heeft de vorm van een satire, waarin niet alleen de werkomstandigheden van de massa maar ook de geluidsfilm zelf op de korrel worden genomen. De geluidseffecten dienen slechts om geluiden van machines weer te geven, terwijl de film voor de rest de dramaturgie van de stomme film gebruikt, zoals expressieve mimiek en korte geschreven tussenteksten. Zelfs wanneer de hoofdfiguur moet zingen, lijkt het alsof hij de tekst vergeten is en komt er slechts een reeks onverstaanbare klanken uit zijn mond, die alleen door de gebarentaal enigszins begrijpelijk wordt. Dit is terug te voeren op Chaplins vrees dat door opkomst van de geluidsfilm de kunst van de pantomime, die hij als centrale vaardigheid van het acteren aanzag, verloren zou gaan.
Een bezoek aan Mahatma Gandhi heeft Chaplin geïsprireerd tot deze film. De muziek ‘Smile’ klinkt aan het einde van de film, wanneer het paar weet te ontkomen en gezamenlijk de zonsopgang tegemoet wandelt.