070, Muziek achtûh de dùine

070, Muziek achtûh de dùine

 

 

 

Haagse meesters
Ciconia Consort

Dick van Gasteren dirigent

 


Zaterdag 1 juni, De Nieuwe Kerk, Den Haag
Aanvang 20.15u
Entree: € 32 1ste rang / €28 2e rang / € 10 tot 27 jr en ooievaarspas / €2,50 t/m 12 jr
Uitpas € 2,50 korting
Diner-concert-arrangement €54 1ste rang, €50 tweede rang
Bestel kaarten online of via 070 88 00 333

Educatieve kinderopvang uitsluitend op aanvraag! via info@ciconiaconsort.nl


programma
Willem van Otterloo (1907-1978) – Passacaglia voor strijkorkest
Willem van Otterloo (1907-1978) – Prelude, dans en epiloog voor klarinet en strijkorkest
Constant van der Wall (1871-1945) – Wajanglegende voor strijkorkest opus 25
Willem Mengelberg (1871-1951) – Sinfonietta voor strijkorkest
Robert de Roos (1907-1976) – Sinfonia in due moti per orchestra d’archi
Frits Koeberg (1876-1961) – Serenata in darno


Den Haag neemt binnen de Nederlandse kunstgeschiedenis een unieke plaats in. Onder andere door haar positie als hofstad en centrum voor internationale betrekkingen, stond het Haagse kunstleven al vroeg als eerste open voor internationale kunststromingen als rococo en jugendstil. Bovendien was Den Haag de bakermat voor de vernieuwende schilders van de Haagse School. Israëls, Mesdag en Weissenbruch waren al vanaf 1860 onder de indruk van het Frans impressionisme. En net zoals bij schrijvers als Louis Couperus werden componisten geïnspireerd door de kunst en cultuur uit het voormalige Nederlandse Indië. Constant van der Wall en Bernhard van den Sigtenhorst Meyer lieten zich in hun werk beïnvloeden door gamelan muziek.

In de 18e eeuw kende Den Haag een muzikale hofcultuur rond stadhouder Willem V, die musici als Mozart en Beethoven uitnodigde. Waren het in de 19e eeuw vooral de Franse Schouwburg en de Koninklijke Muziekschool die het muzikaal culturele leven in de residentie bepaalden, zo was in de 20e eeuw het Residentie Orkest de grote motor achter de Haagse muziek. Niet alleen wist het Residentie Orkest belangrijke solisten en gastdirigenten als Richard Strauss en Igor Stravinsky aan te trekken. Maar ook de chefdirigenten en orkestleden als Henri Viotta, Willem van Otterloo, Peter van Anrooy en Otto Ketting waren verdienstelijke componisten.

Den Haag was muziekminnend en Het Concertgebouworkest speelde er graag en vaak. Dit leidde begin vorige eeuw tot een controverse tussen de dirigenten van het Residentie Orkest (Henri Viotta) en Het Concertgebouworkest (Willem Mengelberg) over het recht van laatstgenoemde, concerten te mogen geven in de hofstad. Het Residentie Orkest wist uiteindelijk, via onder andere een publieke stemming, deze strijd in zijn voordeel te beslechten.

Het Ciconia Consort maakt zich in ‘070, muziek achtâh de dùine’, samen met het Nederlands Muziek Instituut en Mengelberg specialist Frits Zwart sterk voor Haagse en enkele nooit eerder uitgevoerde exclusief Haagse composities.


Frits Zwart
Frits Zwart is musicoloog en directeur collecties van het Nederlands Muziek Instituut. Het NMI, onderdeel van het Haags Gemeentearchief, herbergt een omvangrijke collectie op het gebied van het muzikaal erfgoed. Zwart promoveerde op een dissertatie over de biografie van Willem Mengelberg. Najaar 2016 verscheen het tweede deel van de biografie van Mengelberg bij uitgeverij Prometheus. In het najaar van 2018 verschijnt een Engelse vertaling van de biografie bij Amsterdam University Press. Hij publiceert ook regelmatig artikelen op het gebied van de Nederlandse muziekgeschiedenis. Zwart maakt deel uit van talrijke, aan de muziek gelieerde stichtingsbesturen.