BOHEEMSE KERST

‘BOHEEMSE KERST’

boheemse kerst websiteCiconia Consort o.l.v. Dick van Gasteren
Ellen Zijm, accordeon
Nanco de Vries, bariton
Jean-Léon Klostermann, tenor
solisten van Koorschool Haarlem
Residentie Kamerkoor

vr 12 december 2014
Ruïnekerk in Bergen
aanvang 20:15 bestel

za 13 december 2014
Concert inclusief educatieve kinderopvang
Nieuwe Kerk in Den Haag
aanvang 20:15 bestel

vr 19 december 2014
Grote Kerk in Maassluis
aanvang 20.00 bestel

PROGRAMMA

Leoš JanáčekSuite voor strijkers
Frantisek Xaver BrixiOrgelconcert in D
Joseph SukSerenade voor strijkers in Es opus 6
Alleen op 13 december in Den Haag: Jakub Jan RybaBöhmische Hirtenmesse Česká mše vánoční
Alleen op 12 en 19 december in Bergen en Maassluis: Arcangelo Corelli – Concerto grosso in g klein, opus 6, nr. 8, kerstconcert
______________________________________________________________________________________

Dit Tsjechische kerstprogramma ademt de sfeer van een Boheems landschap met kleine witte barok kerkjes met een achttiende-eeuwse cultuur aan kleine orgeltjes. U hoort een orgelconcert van Franz Xaver Brixi, geschreven voor klein orgel zonder pedaal. Het Ciconia Consort kiest voor een bijzondere uitvoering waarbij de solopartij gespeeld wordt op accordeon, in klank zeer te vergelijken met de dorpsorgeltjes in de Bohemen.
Naast deze barokcomposities speelt het Ciconia Consort voor u twee belangrijke werken uit het strijkorkestrepertoire; de prachtige romantische strijkersserenade van Joseph Suk, zoon van een dorpsorganist, en de suite voor strijkers van Janáček, die in 1919 een orgelschool oprichtte, het latere conservatorium van Brno.
Op het programma in Den Haag staat de prachtige, in Nederland zelden uitgevoerde, Böhmische Hirtenmesse van Jakub Jan Ryba met solisten Jean-Léon Klostermann, Nanco de Vries, twee solisten van de Koorschool Haarlem en het Residentie Kamerkoor. Als geen ander wist Ryba de feestelijke kerstsfeer van het Boheemse platteland in jubelende muziek te vangen. Het stuk speelt zich af in een besneeuwd dorp, waar de herders en dorpsbewoners de Kerstster zien en gezamenlijk het lichtende pad van de ster volgen.

Ellen Zijm
Ellen Zijm studeerde accordeon bij Egbert Spelde aan het ArtEZconservatorium te Enschede en daarna bij Stefan Hussong aan de Hochschule für Musik Würzburg, waar zij in november 2013 met een 10 afstudeerde. Ze volgde verschillende masterclasses bij o.a. Geir Draugsvoll, Claudio Jacomucci, Mie Miki, Inaki Alberdi en Friedrich Lips, nam in 2005 en 2009 deel aan de Summer Academy van het Nationaal Jeugd Orkest en won prijzen op diverse concoursen. Ook was zij meerdere malen te horen op Radio 4. Zij remplaceerde bij het Rotterdams Philharmonisch Orkest, Residentie Orkest en Asko/Schönberg Ensemble en speelde bij HollandOpera, Insomnio en Stracc.
Ellen bracht verschillende werken in première, waaronder het solostuk ‘April’, van Iulius Popa (juni 2010, Calgary (Canada), jan 2011 Radio 4) en de ‘Drei Aphorismen’ van Mareike Lenz, voor accordeon, strijkkwartet en klarinet.
Met Quirine van Hoek (viool) heeft ze het duo ‘De Thuiskomst’. Hiernaast is Ellen onderdeel van ‘Sax Y On’, een accordeon-saxofoonduo met Marijke Schröer met zeer gevarieerde muziek uit de 19e, 20e en 21e eeuw en muziek uit de Balkan en Zuid-Amerika. Met het trio ‘El Dima’ (viool, cello en accordeon) brengt Ellen de ‘Vier
Seizoenen’ van Astor Piazzolla op het podium, in combinatie met ‘Silenzio’ (S. Gubaidulina) en werken van J.S. Bach.
Ellen wordt gesteund door het ‘Fonds Jong Talent’ en het ‘Kersjes Fonds’.

Jean-Léon Klostermann tenor
Jean-Léon Klostermann begon zijn zangstudie in 1998 aan het Utrechtse Conservatorium bij Henny Diemer. Aanvankelijk combineerde hij zijn muzikale carrière met een baan als manager in het bedrijfsleven. Vanaf een optreden als Tamino in Mozarts “Zauberflöte” in een productie van de Nieuwe Opera Academie in 2002 heeft hij zich volledig op het musiceren toegelegd. Hij volgde masterclasses bij o.a. Mark Tucker en Anthony Rolphe-Johnson en dramalessen bij Janet Aster en Vladimir Koifmann.
Tot zijn concertrepertoire behoren onder andere de Matthäuspassion en de Hohe Messe. Verder trad hij diverse malen op als solist bij Zaterdag Matinee Concertgebouw, onder andere als Trin in Puccini’s “La Fanciulla del West” onder leiding van Edo de Waart en als Ulrich Eisslinger in ‘Die Meistersinger’ o.l.v. Jaap van Zweden.
Op het operatoneel zong hij de titelrollen in Monteverdi’s “L’Orfeo”, in Nino Rota’s “Alladin und die Wunderlampe” (Vlaamse Opera), in Kunnecke’s “Der Vetter aus Dingsda” (De Nieuwe Nederlandse Operette) en in Conti’s “Don Chisciotte in Sierra Morena” (Opera aan het IJ). In september 2008 debuteerde hij bij De Nederlandse Opera als “Erscheinung eines Junglings” in de opera Die Frau ohne Schatten van Richard Strauss. In mei 2009 maakt hij zijn debuut bij de Nationale Reisopera in ‘Hyppolite et Aricie’. Bij de Nederlandse Opera heeft Jean-Léon inmiddels 6 rollen gezongen waarvan de laatste in juni 2012: Erster Gralsritter in Parsifal (Richard Wagner).

Nanco de Vries bariton
Nanco de Vries studeerde zang (bas genre) aan het Utrechts Conservatorium bij Udo Reinemann en sloot deze studie cum laude af. In hetzelfde jaar was hij prijswinnaar van het Christina Deutekom concours en werd toegelaten tot de studie voor de Nederlandse Muziekprijs. Hij zette zijn zangstudie voort bij Diane Forlano en ontwikkelde zijn stem verder in het baritonvak bij de Amerikaanse tenor James McCray . Vervolgens maakte hij als Alfio in Cavaleria Rusticana zijn bariton debuut. Momenteel wordt hij gecoacht door Rafael Ortiz.
Hoogtepunten van zijn laatste concert engagementen in het Amsterdams Concertgebouw zijn Die Theresien Messe en Die Schöpfung (Haydn) ( Radio Kamer Orkest o.l.v Frans Brüggen), Symfonie no.9 van Beethoven ( o.l.v. Claus Peter Flor) en Janáček`s Osud (Radio Filharmonisch Orkest o.l.v. Edo de Waart).
Verder zong Nanco de titelrollen in outdoor-concerten in Amsterdam van Verdi`s Nabucco en MacBeth. In het buitenland was hij te horen in Shostakovitschs Symfonie no.14 (Padova Symfonie Orkest o.l.v. Hans Vonk en Las Palmas Symfonie Orkest o.l.v. Viktor Libermann), Mozarts Requiem (Moscow Virtuosi o.l.v. Vladimir Spivakov en Bilkents Symfonie Orkest Ankara o.l.v. C.A. Rickenbacher), Schumanns ,,Szenen zu Goethes Faust“ (Orchestre National de Lille o.l.v. C.A. Rickenbacher), Alberich in Loriots ,,Ring an einem Abend” (Festspielhaus Salzburg met Münchner Sinfoniker o.l.v. H. Förster).
Vanaf `96 was Nanco vast verbonden aan het Meininger Staats Theater, met rollen als: Scarpia (Tosca), Holländer (Holländer), Don Giovanni, Rigoletto, Alfio (Cavalleria Rusticana), Tonio (Pagliacci), Don Alfonso (Cosi fan tutte), Boris (Lady Macbeth von Mzensk), Peter (Hänsel und Gretel), Der Grafen von Westmoreland (Sly), en Alberich (Rheingold, Siegfried en Götterdämmerung) als Germont in Traviata en als Balstrode in Peter Grimes.
De laatste jaren was Nanco vast verbonden aan de Komische Oper te Berlijn waar hij o.a. Balstrode (Peter Grimes), Leander (Liefde voor de drie sinaasappelen) en Mr. Gedge (Albert Herring) zong.

Koorschool Haarlem
De Koorschool is een bijzondere basisschool voor jongens en meisjes vanaf groep 5, waar veel aandacht wordt besteed aan een hoogwaardige muziekopleiding van de leerlingen. Leerlingen van de Koorschool genieten 200 uur muziekles per jaar op school. Het muziekonderwijs is primair gericht op zang; iedere dag krijgen de kinderen lessen als stemvorming, solfège, algemene muziekleer en repertoirestudie. Daarnaast bespelen alle kinderen een muziekinstrument. Het is een kleine school met gemiddeld 65 leerlingen, ongeveer 16 leerlingen per klas. Het muziekonderwijs is gericht op het zingen in de Kathedrale Koren. In toerbeurten verzorgt één van deze koren de muziek tijdens de wekelijkse Hoogmis in de Kathedraal van Haarlem. Daarnaast geven de koren regelmatig concerten en wordt meegewerkt aan radio- en televisieopnamen, cd-producties en tournees in binnen- en buitenland.

Residentie Kamerkoor
Het Residentie Kamerkoor heeft in de loop der jaren een belangrijke plaats in het Haagse muziekleven veroverd. Naast de maandelijkse Bachcantates in de Kloosterkerk, trad het koor op in Rossini’s Petite Messe Solennelle op het drijvende podium in de Hofvijver tijdens het Festival Classique 2007 – maar ook elders in het land, zoals tijdens de doopdienst van gravin Leonore in de kapel van Paleis het Loo, in 2006, en het slotconcert van het
Holland Festival 2005 in de Oude Kerk te Amsterdam, toen het koor meezong in het acht uur durende muziekstuk The Veil of the Temple van John Tavener. Het Residentie Kamerkoor, opgericht in 1977, staat sinds 1994 onder leiding van Jos Vermunt en is uitgegroeid tot een van de beste amateurkoren van Nederland.
Het Residentie Kamerkoor telt circa 25 leden met geschoolde stemmen.

Leoš (Eugen) Janáček (1854-1928) was een een land- en tijdgenoot van Antonín Dvořák. Hij legde zich toe op het verzamelen van volksmelodieën en ontwikkelde een eigen muziekstijl uit ritme en melodie van de landelijke spraak en liederen van Moravië. De Suite voor strijkers componeerde Janáček toen hij 23 jaar oud was. Hij was jong en arm, maar wist met het werk een goede reputatie op te bouwen die hem al snel enig aanzien gaf. Janáček schreef met zijn Suite voor strijkers een aanstekelijke compositiewerk, met daarin een vleugje barok, een kleine dosis Victoriaanse romantiek en een zweem Tsjechische melancholie.
Janáček studeerde in Praag, Wenen en Leipzig, waarna hij zich in Brno vestigde. Daar stichtte hij een orgelschool die in 1919, als conservatorium werd voortgezet. Aan die opleiding doceerde hij compositie.

František Xaver Vojtěch Emanuel Brixi (1732-1771)
František Xaver Brixi werd (muzikaal) opgeleid aan het Piaristengymnasium in Kosmonosy. In 1749 verliet Brixi Kosmonosy en keerde terug naar Praag, waar hij organist was in verschillende kerken. Vanwege zijn buitengewoon muzikaal talent werd hij op 1 januari 1759 tot regens chori aan de Sint-Vituskathedraal benoemd. Deze belangrijke functie in het Praagse muziekleven heeft hij bekleed tot zijn overlijden.
In de Tsjechische muziek is Brixi een belangrijke persoonlijkheid in de overgangsperiode van barok naar klassiek. De elementen in zijn muziek wijzen in richting van Wolfgang Amadeus Mozart, die het daarom gemakkelijk had om zijn muziek bij het Praagse publiek te introduceren. De Tsjechische volksmuziek had grote invloed op de melodiek van Brixis werk, dat die vitaliteit tot op heden heeft bewaard. Als componist schreef hij rond de 400 werken, waaronder 105 missen, 263 offertieën, 26 litanieën, 4 oratoria en andere werken.
Accordeonsoliste Ellen Zym is een warm pleitbezorgster voor dit prachtige instrument dat vaak alleen geassocieerd wordt met met volkse kermismuziek. Ook in Nederland komt dit instrument steeds meer in de belangstelling te staan en sinds kort is ook op het Koninklijk Conservatorium in Den Haag een muziekvakopleiding voor dit instrument gestart.

Josef Suk (1874- 1935) was een Tsjechische componist, pedagoog en violist.
Josef Suk was de zoon van een dorpsorganist, schoolmeester en koordirigent. Zoals veel Boheemse en Moravische kinderen met muziektalent studeerde hij aan het Praagse conservatorium, met hoofdinstrument viool en compositielessen van Dvořák, zijn latere schoonvader. Zijn carrière als componist nam een hoge vlucht en Suk werd als opvolger van Dvořák geëtiketteerd. Ook als tweede violist van het beroemde Boheemse Strijkkwartet kreeg hij internationale erkenning.
Suk gaf vanaf 1922 lessen aan het Praagse conservatorium, waarvan hij ook rector zou worden. Tot zijn leerlingen behoorde Bohuslav Martinu.
Suks muziek wordt niet vaak in de Nederlandse concertzalen uitgevoerd. Zijn bekendste orkestwerk is de Serenade voor strijkers, geschreven in 1892.

Jakub Jan Ryba (1765-1815)
Hij stamt uit een familie van cantores/organisten. Zijn ouders zijn, naar hij later in zijn dagboek schrijft, “rijk aan wijze rechtvaardigheid maar arm aan materiële welvaart”. Ryba krijgt les van zijn vader in zang, viool, cello, orgel en later ook compositie. Hij heeft talent, want als hij tien is componeert hij al en kan hij zijn vader op het orgel vervangen.
Ryba’s oeuvre beslaat rond de 1500 werken, liederen, aria’s, kamermuziekwerken in velerlei soorten, concerten, symfonieën en ook veel kerkmuziek. Veel ervan is gebruiksmuziek, zoals je van een dorpscantor/schoolmeester mag verwachten. Het is niet verwonderlijk dat er kerstmuziek bij zit. Kerst is tenslotte al eeuwenlang het meest aansprekende christelijke feest. Ryba’s bekendste werk is een soort herdersspel in negen delen die elk de titel van de delen van een mis hebben, de Česká mše vánoční oftewel Boheemse Kerstmis of Hirtenmesse. Het is uit deze mis dat het Ciconia Consort enkele delen zal laten horen. Hoewel in Nederland zelden uitgevoerd, gebiet deze mis in Tsjechië bijzondere populariteit door alle lagen van de bevolking.
Ryba’s boek Počáteční a všeobecní základové ke všemu uměni hudebnimu, waarin hij vooral de grondslag legt voor de muziektheorie in de Tsjechische taal, verscheen pas na zijn dood in druk.